Amstelveen - December. Maand van licht, familie, warmte, cadeautjes, aardappelpuree, samenzijn, glitter, feest, vuurwerk, warme chocolademelk, gedekte tafels, sneeuw, Viennetta en hyperventilatie. Want ja, leuk en gezellig hoor, die laatste maand van het jaar, maar iemand moet het wél regelen allemaal. En door mijn opeisende aard ben ik dat vaak.
Eerst is het de beurt aan de Sint. Die belooft hier thuis ieder jaar plechtig ‘niet zo gek te doen’. Om vervolgens 2 dagen voor pakjesavond te constateren dat het 3 december is en er nog níets is gekocht of gedicht, waarna hij voor iedereen gewoon maar het hele verlanglijstje koopt. Op de dag zelf blijkt ook altijd dat hij is vergeten chocoladeletters in te slaan, waarna het hele gezin voor 1 dag een nieuwe voornaam krijgt toebedeeld.
Dat alles gebeurt natuurlijk niet zonder reden. Dat komt omdat ik de hele novembermaand geen tijd heb, want dan ben ik druk bezig om het surpriseproces op gang te brengen. En doordat het aanwakkeren van de creatieve flow bij de jongste zoon niet zo soepel gaat, eindig ik het laatste weekend altijd zelf met een emmer behanglijm, propjes papier, ijzerdraad, plakband, Velpon, verf en een matig geïnteresseerde 8-jarige.
De Goedheiligman heeft zijn hielen nog niet gelicht of het is tijd voor de kerstboom. Ik beland altijd in Het Oosten nadat de beste bomen gekaapt zijn. Stilletjes hatend op alle mensen die gewoon wél op tijd begonnen, sta ik dan een halve dag veel te dure sparren te passen. Daarbij moet een onwelwillende puber de boom vasthouden, zodat ik drie stappen naar achter kan doen om te constateren dat hij te kaal/smal/lelijk/scheef is. Dat doen we een keer of 500, tot we er eentje vinden die niet kaal, smal, lelijk of scheef is maar wel veel te groot. Ik koop ook altijd nog een nieuwe slinger, want “hebben we nog slingers?” (antwoord: ja, we hebben nog slingers) Eenmaal thuis moet eerst de kamer verbouwd, de hondenmand naar de gang en de top afgeknipt voor het ding goed en wel in de kamer past. Daarna duurt het een uur of zes voor alle lichtjes uit elkaar gepeuterd zijn, omdat ik de januari ervoor dacht “pfff, gedoe zeg. Doen we volgend jaar wel weer”. Elk jaar neem ik me voor om de lichtjes dit keer bij het opruimen netjes op te rollen, maar 1 januari is dat goede voornemen weer vergeten. Alle goede voornemens trouwens.
Staat dat ding eenmaal, dan volgen er nog 27 kerstborrels/diners/bingo’s/happenings waar last minute spullen voor nodig zijn. Of misschien wordt alles wel op tijd aangekondigd, maar denk ik er gewoon last minute aan. Een glitterjasje, 36 worstjes in bladerdeeg, een foute kersttrui, “we moeten morgen een kerstmuts op”, een vlinderdas
en wit overhemd in één kindermaat groter dan vorig jaar, jampot met een waxinelichtje, een extra gourmetstel...
Na Kerst rollen we moeiteloos door naar oudjaarsavond. Dan bak ik een stuk of 150 oliebollen. Niet omdat we een grote familie hebben, maar omdat mijn vader ook altijd 150 oliebollen bakte en ik die traditie nu eenmaal ongewijzigd van hem over heb genomen. De ochtend erna moet die boom eruit (van de Meneer), overweeg ik om de lichtjes netjes op te rollen om te verzuchten “pffff, gedoe zeg. Doen we volgend jaar wel weer.”
December? Ik heb er nu al zin in.
Dit artikel verscheen eerder in de december-editie van AmstelveenZ Magazine, nummer 104.