Amstelveen - De Amstelveense fractie van de VVD maakt zich zorgen over de weerbaarheid en sociale ontwikkeling van Amstelveense jongeren die beïnvloed worden door het fenomeen 'manosphere'. De partij heeft vragen gesteld aan het College van B en W.
De VVD omschrijft manosphere als een verzameling van online subculturen waarin ideeën over mannelijkheid en genderrollen worden gedeeld - en waar in sommige gevallen vrouwonvriendelijke en grensoverschrijdende opvattingen voorkomen. De VVD stelt, mede naar aanleiding van berichtgeving door de NOS, dat dit invloed kan hebben op de weerbaarheid en sociale ontwikkeling van jongeren die hiermee in aanraking komen.
Zorgvuldig
'Amstelveen zet zich in voor de veiligheid, weerbaarheid en gelijke behandeling van alle inwoners. In dat kader is het van belang om ontwikkelingen te volgen die invloed hebben op het gedrag, de sociale ontwikkeling en het welzijn van jongeren. Daarbij vraagt dit om een zorgvuldige benadering, waarin zowel aandacht is voor signalen van problematisch gedrag als voor het voorkomen van stigmatisering van groepen jongeren,' aldus de VVD.
Online beïnvloeding
De partij meldt ook dat in breder (internationaal) onderzoek naar online radicalisering en desinformatie wordt gewezen op mogelijke overlap met andere vormen van problematische online beïnvloeding, waaronder complotdenken en in sommige gevallen antisemitische denkbeelden.
Vragen
Het heeft Femke Lagerveled en Gideon Simon van de VVD bewogen de volgende vragen te stellen aan het College van B en W:
1. Is het college bekend met deze signalen en herkent het deze binnen Amstelveen?
2. Welke bestaande inzet heeft Amstelveen op weerbaarheid, sociale veiligheid en het tegengaan van discriminatie, en in hoeverre sluit deze aan op online beïnvloeding zoals binnen de manosphere?
3. Hoe wordt binnen de huidige aanpak ingezet op vroegtijdige signalering en preventie, en hoe worden professionals hierbij ondersteund?
4. Hoe werkt de gemeente samen met scholen, jongerenwerk en andere partners op dit thema?
5. Hoe borgt het college dat de aanpak effectief is en aansluit bij de leefwereld van jongeren, zonder stigmatiserend te werken?
6. In (internationaal) onderzoek wordt gewezen op mogelijke overlap tussen de manosphere en bredere vormen van online radicalisering, waaronder complotdenken en in sommige gevallen antisemitisme. In hoeverre heeft het college hier zicht op en wordt dit meegenomen in de bestaande aanpak?